ANAL1-DID:Week2-3

From Kilalapedia

Jump to: navigation, search

Contents


LET OP! Deze aantekeningen zijn nog niet compleet. Ik moet de tekeningen nog toevoegen.

Dossieropdrachten tot nu toe

Je hebt tot nu toe vier opdrachten kunnen maken. Ik heb er nu een heleboel binnen, maar ik zie ook veel mensen die helemaal niets inleveren. Mocht dit zo zijn omdat je het niet snapt, bespreek het dan in hemelsnaam met je groepsgenoten.


Bespreek de DO's binnen het groepje.


Dossier opdracht 2

Brugklassers van klasgenoot X hebben problemen met:

  • Afronden in contexten
  • Ingewikkelde contexten
  • Breuken vermenigvuldigen, vooral de wat ingewikkeldere
  • Verbanden tussen verschillende grootheden


Afronding

Ben je er nog steeds niet uit, roep dan -nu- hulp in. Anders is het te laat om je werk goed te doen.


Opdracht 4.15

Pagina 30, APS-bundel "Rekenen".


We kijken naar drie manieren waarop mensen ooit vermenigvuldigen hebben geleerd. In Nederland gebruiken we ze al lang niet meer, maar mogelijk dat allochtone jongeren het wel zo hebben geleerd.


Bekijk ze alle drie en bespreek ze. Doorgrondt ze.


De laatste (Multiplicare per gelosia = Vermenigvuldiging door jaloezie) vinden we heel erg mooi. Ik vind het echter net een puzzel. Mooi door zijn ingewikkeldheid.


Doe ook de derde voor jezelf met: 412 x 128.


ANAL1-DID-Week3-1.png


Delingsalgoritme

Het voorgaande hebben we nodig om te komen tot het delingsalgoritme. De bijbehorende artikelen hebben jullie als het goed is al gelezen.


We gaan het voorbeeld doen aan de hand van de nieuwe methode. Of wij hem handig vinden of niet, doet er niet toe: de leerlingen hebben het zo geleerd en dus moeten wij het ook kunnen. Willen we ze verder helpen met een probleem, dan moeten we ze kunnen vragen hoe zij iets aanpakken. En zo moeten wij ook met hun methode aan de slag kunnen gaan. Net als dat we dus ook meerdere vermenigvuldigingsmethoden moeten kunnen.


Nogmaals: of het een goede methode is of niet is niet ter sprake. Het gaat er om dat de leerlingen het redelijk goed doorzien.


Voorbeeld

ANAL1-DID-Week3-2.png.


Gineke: Het mooie aan deze manier is dat dit ook werkt voor kommagetallen. Je kan niet alleen schuiven naar rechts, maar ook naar links.


Theo: Eigenlijk is het beter om de komma aan het begin weg te schuiven en daarna weer terug te halen.


Op deze manier wordt het tegenwoordig op de meeste (90%) basisscholen onderwezen.


We maken nu een nieuwe deling. Oefen zelf: 3121,83 : 18.


ANAL1-DID-Week3-3.png.


Ik maakte de eerste keer twee fouten. Die zitten niet in het bovenstaande plaatje.

  • Heb mijn vermenigvuldigingstabel fout gebouwd.
  • Las de tabel ook fout uit.


Denkschema's

Het volgende voorbeeld zal voor veel mensen herkenning oproepen.


Theo gaf jaren les in het zelfde gebouw, zelfde lokaal, zelfde tijd. Bij het nieuwe rooster is dat helemaal overhoop gegooid voor hem en hij loopt prompt in het verkeerde lokaal binnen. Hij handelde uit zijn automatismen. Je bent dan zo erg met iets anders bezig, dat je niet op let.


Dit heeft te maken met denkschema's. Bij het aanleren van nieuwe dingen probeer je gebruik te maken van bestaande denkschema's. Klopt het denkschema zelf niet, dan werk je vanuit het verkeerde schema. Dat soort problemen is er bijna niet meer uit te krijgen.


Een leerling zal de nieuwe stof proberen in zijn voorkennis te passen. Activeer je niet het goede gedeelte, dan wordt de nieuwe stof op de verkeerde plek opgeslagen. Het boekje "Leren op school" gaat hier redelijk diep op in. Deze beschrijft het sporensysteem van het brein. Bij het activeren van de voorkennis zorg je er voor dat het juiste laatje in de ladenkast wordt geopend.


Veel docenten slaan de activatie over. Dat kan funest zijn. Bij het herkennen van rekenfouten is het ook belangrijk om je te realiseren welke stappen hij heeft gezet. Zo kan je het instappunt herkennen voor je correcties.


Dit alles heb je ook nodig bij dossieropdracht 5.


Oefening

Kijk op de pagina achter DO5. Daar staat een raadsel met negen punten. Probeer die punten met vier lijnen te verbinden, zonder je pen op te tillen.


ANAL1-DID-Week3-4.png


Je legt jezelf automatisch beperkingen op. Je hoeft helemaal niet binnen die punten te blijven. Maar blijkbaar mochten mijn ronde lijnen weer niet. Theo deelt nog wat andere plaatjes uit. Voorbeelden van dingen die je in de war kunnen maken.


Foutenanalyse

Herkenninsfout = De leerling ziet niet goed in wat er van hem wordt gevraagd.

Afwikkelingsfout = De leerling doorziet de opgave, maar werkt hem fout uit.


Kijk naar de vier sommen op dezelfde pagina als het raadsel. Bepaal voor jezelf welke fouten je herkend.


 A) De leerling doet 2x3 en 1/2x1/2 apart, in plaats van dat ie d'r eerst hele breuken van maakt. Hij weet wat hij moet doen, maar doet dat fout -> Afwikkelingsfout.
 
 B) De leerling denkt dat hij dingen als "sinus" ook tegen elkaar weg mag strepen. -> Herkenningsfout.
 
 C) De leerling ziet niet in dat 0,10 = 0,1. -> Afwikkeling.
 
 D) De leerling maakt gelijknamige tellers, in plaats van noemers. Da's een afwikkelingsfout.


Mij werd overigens ook uitgelegd dat de "Meneer van Dale..." regels ook niet meer courant zijn. Tegenwoordig herkennen we vier lagen, die van boven naar onder worden doorgewerkt. Eerst werken we alles binnen de zelfde laag uit, pas daarna gaan we door met de volgende. "6 + 24 : 4" lees je dus als "6 + (24 : 4)".

 1. Haakjes
 2. Machtsverheffen en worteltrekken
 3. Vermenigvuldigen en delen
 4. Optellen en aftrekken


Bespreking

A = Hij herkent een vermenigvuldiging. Maakt een fout in de afwikkeling.

B = Leerling heeft weggestreept boven en onder de fout. Het is een herkenningsfout, want hij herkent "sin(x)" niet. Hij ziet het als twee afzonderlijke factoren.

C = Leerling heeft de getallenlijn sowieso niet goed in zijn hoofd zitten. Hij ziet 10 en denkt dat't groter is dan 5. Het -zou- ook nog kunnen dat hij het > teken verkeerd leest.

D = Afwikkeling. Hij maakt de tellers gelijk, in plaats van de noemers. Hij herkent het optellen en het gelijknamig maken.


We gaan niet eindeloos discussiƫren. Soms is het uit elkaar houden van de soorten niet zo eenduidig.


Het onderscheid is belangrijk, want het bepaalt hoe je er mee verder moet gaan.


We gaan oefenen, maar Theo geeft niet veel uitleg. Gebruik de tijd tot half vier om met de proefwerken in de syllabus aan de slag te gaan. Vergelijk het met DO6 van VAKDID-2. Dit zijn -echte- proefwerken van de school van Theo.

Uitleg dossier opdrachten 5 en 7

Opdracht 5

Dossieropdracht 5 verwacht dat je op school werkt doet. Zoek dus, net als bij VAKDID-2, naar een school waar je aan de slag kan. Of zoek een familielid met kinderen van 12-13. Zoek in je sociale sfeer, buurthuizen, de kerk/moskee, whatever.


Theo: waar een wil is, is een weg.


Analyseer hun fouten, bereid een gesprek voor, houdt een gesprek met de leerlingen. Dat worden dus drie deelproducten. Die geluidsopname is voor jezelf, maar is dus niet verplicht.


In de reader vindt je nog wat extra uitleg over diagnose en voorbereiding. Ook een pagina met vraagtechnieken.


Opdracht 5 vereist veel tijd. Die hoeft ook niet volgende week af te zijn.


Opdracht 6

Vijf opdrachten. Vijfde gaat over het hele proefwerk. Je hoeft dus niet de hele toets te bespreken, kies er gewoon een paar uit.


Opdracht 7

BIT-leesverslag maken: Begrijpen, Integreren, Toepassen. Theo vindt I en T heel erg belangrijk, net als elke andere docent. Hij wil graag dat je concreet bezig bent met deze cursus.

Personal tools